In dit blog lees je uitleg over werkwoordspelling in de tegenwoordige tijd. Meestal hoor je al bij het uitspreken van een werkwoord hoe de vervoeging is. Zeg maar eens hardop ‘Hij fietst hard’. Je hoort dat de laatste letter een ‘t’ is, en geen ‘d’. Er zijn echter ook woorden waarbij je niet hoort wat de laatste letter is. Zoals bij ‘Hij wordt boos’ of ‘Je baas houdt je bezig’. Je hoort wel dat aan het eind van het woord een ‘t’ staat, maar of hier een ‘d’ voor moet, dat hoor je niet.
De vijf stappen
Om te weten of je een ‘t’, een ‘d’ of ‘dt’ schrijft, is het handig om de regels van de werkwoordspelling te kennen. Wil je dit makkelijk en snel toe kunnen passen? Houd dan de volgende stappen aan:
- Vind de persoonsvorm in de zin
- Stel het hele werkwoord vast
- Zet het werkwoord in de ik-vorm (ook wel de stam genoemd)
- Bepaal in welke tijd de persoonsvorm staat
- Stel vast of er een ‘t’, ‘d’ of ‘dt’ achter de ik-vorm moet.
Voorbeelden
Ja leuk hoor ik je denken, maar heb je ook voorbeelden? Maar natuurlijk. Hieronder vind je drie voorbeeldzinnen, uitgewerkt per stap.
1: Je vriendin vertelt over haar date van afgelopen vrijdag.
- De persoonsvorm in deze zin: vertelt
- Het hele werkwoord hiervan is: vertellen
- De ik-vorm (de stam) van het werkwoord is: vertel
- De tijd van de persoonsvorm: tegenwoordige tijd
- De letter(s) die achter de stam komen: de ‘t’. Het onderwerp is namelijk je vriendin dus stam + t = vertelt.
Je moeder zwaait je uit tot je de straat uit bent.
- De persoonsvorm in deze zin: zwaait
- Het hele werkwoord hiervan is: zwaaien
- De ik-vorm (de stam) van het werkwoord is: zwaai
- De tijd van de persoonsvorm: tegenwoordige tijd
- De letter(s) die achter de stam komen: de ‘t’. Het onderwerp is namelijk je moeder dus stam + t = zwaait.
Je baas houdt je voortdurend aan de praat.
- De persoonsvorm in deze zin: houdt
- Het hele werkwoord hiervan is: houden
- De ik-vorm (de stam) van het werkwoord is: houd
- De tijd van de persoonsvorm: tegenwoordige tijd
- De letter(s) die achter de stam komen: de ‘t’. Het onderwerp is namelijk je baas dus stam + t = houdt.
Om bovenstaande toe te kunnen passen is het wel zo handig om te weten wat de stam van een werkwoord is. Hoe je die vindt? Dat lees je hier.
Geef een antwoord